Eindelijk het Zwarte Woud
Met een jaar uitstel ben ik dan toch eindelijk in het Zwarte Woud beland. We hebben alles te voet, met de tram, de bus en de trein gedaan en we hebben het ons niet beklaagd. Het was tenslotte in Duitsland en in Zwitserland, niet in België!
We begonnen met de uitvalsbasis Freiburg en eindigden met de uitvalsbasis Karlsruhe. Van daaruit ondernamen we iedere dag wel een uitstap, want er is enorm veel te zien in die streek. De reis vond plaats van 19 tot 29 juni 2008 en volgens de Wettervorhersagen zou er regen, regen en nog eens regen uit de lucht vallen, al dan niet gepaard gaande met ijzel en met temperaturen rond de 16°C. In werkelijkheid heeft het twee keer geonweerd en schommelde de temperatuur tussen de 26 en de 32°C.
De huisdraak had allemaal hemden met lange mouwen bij, en we zijn dus nieuwe exemplaren gaan kopen. Hij heeft bovendien nog rondgelopen in twee T-shirts met het logo van de Sportkring van onze werkgever op! Om maar te zeggen hoe warm het was

Van Brussel-Zuid naar Freiburg is het zes uur reizen met de Intercity-Express, met een overstap in Frankfurt. Om 1 uur ‘s middags waren we dus al op onze bestemming aangekomen. Ons hotel bevond zich aan de rand van de stad, maar dat was dank zij het uitstekende openbare vervoer geen enkel bezwaar. En met een 24 uurs kaart konden we dagelijks zoveel keer op en af de tram als we wilden.

We bezochten tijdens die 9 dagen (heen- en terugreis dus niet meegerekend) de volgende steden en dorpen (alfabetisch, niet in de volgorde van de reis):
- Baden-Baden (mondain kuuroord, waar wel het een en ander te zien is)
- Basel (stad van de 42 musea en de dodendans)
- Bleibach (kerk met een dodendans)
- Breisach (Stephansmünster, romaans-gotisch)
- Calw (Stad van Herman Hesse)
- Freiburg (levendige, ecologische universiteitsstad)
- Hirsau werelderfgoedklooster
- Karlsruhe (die Fächerstadt, een goede uitvalbasis voor 2 kloostertochten)
- Mannheim (eventjes rondgelopen, tussen twee treinen in)
- Maulbronn (Romaans-Gotisch klooster, werelderfgoed
- Münstertal (een barokklooster)
- Rastatt (2 barokke kastelen)
- Sankt Peter (schitterende barokke bibliotheek)
- Schauinsland (de \”huisberg\” van Freiburg met een mijnbouwmuseum)
- Titisee – Feldberg (puur natuur)
In de komende dagen zal ik over deze uitstapjes berichten.

Lege regionale trein … lekker rustig!
Voor wie het interesseert of er zich op wil laten inspireren, volgt hier het schema in real-time:
- Donderdag 19 juni: Antwerpen – Freiburg
- Vrijdag 20 juni: Freiburg – Basel – Freiburg
- Zaterdag 21 juni: Freiburg – Bleibach – Freiburg || Freiburg – Schauinsland
- Zondag 22 juni: Freiburg – Feldberg – Tititsee – Freiburg
- Maandag 23 juni: Freiburg – Münstertal – Freiburg || Freiburg – Breisach – Freiburg
- Dinsdag 24 juni: Freiburg – Sankt Peter || namiddag boemelen in Freiburg
- Woensdag 25 juni: Freiburg – Karslruhe
- Donderdag 26 juni: Karlruhe – Rastatt – Baden Baden – Karlsruhe
- Vrijdag 27 juni: Karlsruhe – Maulbronn – Karlsruhe
- Zaterdag 28 juni : Karlsruhe – Calw – Hirsau – Karlsruhe
- Zondag 29 juni: Karlsruhe – even in Mannheim – Antwerpen
24 May 2010
Geen Commentaar
Print dit Bericht
2008 · Duitsland · Steden Bezoeken · Zwitserland | Freiburg, Karlsruhe, Zwarte Woud
Freiburg
Freiburg was heerlijk. Zoals ik al zei zaten we in een heel rustig familiehotel aan de rand van de stad, maar met een tram vlakbij. Het hotel had een aangenaam terras, waar het heerlijk bierdrinken was. Ook hebben we ons tegoed gedaan aan een volledige aspergemaaltijd, want het was toen juist het seizoen. Exquis. Duitse keuken hoeft niet persé grof en vet te zijn.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Freiburg door een vergissing door de eigen Luftwaffe gebombardeerd (deze waren onderweg naar Frankrijk en verdwaalden in slecht weer) en gedeeltelijk verwoest, maar nadien werd de stad in oude stijl weer opgebouwd.

>
De stad telt 200.000 inwoners en ligt midden in de wijngaarden. Freiburg is heel groen. Alle pilonen in de buurt waren begroeid met klimop, het centrum is verkeersvrij. Door alle straten lopen de voor Freiburg typische “goten”, waarin ik mijn handen kon wassen als ik die weer eens met ijs had bekliederd. Dit systeem diende vroeger voor de riolering en nu voor de afvoer van regenwater.

De oude stad heeft schitterende pleintjes, fonteinen, smalle straatjes, tientallen cafés en kroegjes, heerlijke terrasjes waar het goed eten is. Ik heb er overheerlijke Spätlese gedronken, die me werkelijk deed zwijmelen van genot.


De Münster Unserer Lieben Frau, die een schitterende gotische toren heeft, is méér dan een bezoek waard. Ik bleef er voortdurend rond cirkelen. En dan zijn er natuurlijk talrijke interessante boekenwinkels (in de buurt van het Stadttheater ligt o.a. een hele grote).


Als uitvalsbasis was Freiburg dus ideaal. Ik kom er zeker terug! Meer foto’s vindt u onder de TAB Citytrips
24 May 2010
Geen Commentaar
Print dit Bericht
2008 · Duitsland · Steden Bezoeken | Aartsbisschoppelijk Paleis, Augustinermuseum, Breisgau, Freiburg, Haus zum Walfisch, Kaufhaus, Martinstor, Münster, Münsterplatz, Rathausplatz, Schlossberg, Schwabentor, Zwarte Woud
Bazel: Dodendans en Tinguely
Bazel ligt aan weerszijden van de Rijn; op de linkeroever ligt Groot Bazel en op de rechteroever Klein Bazel. De twee stadsdelen worden met elkaar verbonden door zeven bruggen, waarvan één spoorbrug. De Mittlere Rhein Brücke is de bekendste.
Groot Bazel herbergt het historische stadscentrum waar de 12e eeuwse Münster van Bazel beeldbepalend is. De Marktplatz met het gotische stadhuis en Jugendstilpanden behoort tot de belangrijkere pleinen. Een ander markant plein is de Barfüsserplatz: lokaal Barfi genoemd. Het plein ontleent zijn naam aan de Franciscanen die hier ooit hun klooster hadden en blootsvoets, of wel barfuss rondliepen. De woonwijken in Groot Bazel hebben een groen, parkachtig karakter.

Naar Bazel gingen we in feite hoofdzakelijk om de Basler Totentanz te bekijken én het werk van Jean Tinguely. Er zijn 41 musea in de stad, dus moesten we een keuze maken.
Met de trein waren we er in een wip. We stapten uit in het Duitste spoorwegstation, omdat dit aan de juiste oever van de Rijn lag om snel bij het Tinguelymuseum te komen. Brute pech: we waren uren te vroeg. Dan maar 20 minuten de Rijn afgelopen, door een mooi park met aangename standbeelden, richting stad. Daar slenterden we wat rond, bekeken de gevels en bezochten een grote boekwinkel waar je ook koffie kon drinken.

We kwamen langs de Fischmarktbrunnen, die in 1380 in het leven werden geroepen zodat de vissers hun waren langer vers konden houden. Tot op vandaag is deze fontein nog altijd één van de mooiste in Noord-Europa. De fontein staat centraal op het plein en is gedecoreerd met beelden van de heiligen Mary, John en Peter. In 1476 werden ze gerenoveerd door Jakob Sarbach. De fontein heeft een twaalfhoekige constructie met een gotisch middenstuk.
We gingen naar de Barfüsserkirche, die een tentoonstellingsruimte van het Historisch Museum van Bazel is waar de beroemde dodendans te vinden is, naast een heleboel ander leuks, zie bijvoorbeeld de foto hieronder..

Oorspronkelijk was die dodendans een 60 meter lange middeleeuwse muurschildering die aan de binnenzijde van de kerkhofmuur van de Predigerkirche aangebracht was. Het is een memento mori, dat eraan herinnert dat de dood iedereen, ongeacht rang of stand, plotseling kan komen halen.
Het kerkhof was eigendom van de Dominicanen. Men denkt dat het fresco rond 1440 geschilderd werd, maar er kon niet achterhaald worden hoe het juist tot stand kwam of wie de opdrachtgever was. De dodendans overleefde de beeldenstorm van 1529. In 1568 gaf de Raad van Bazel aan de schilder Hans Hug Kluber de opdracht het fresco te renoveren en het aan te passen aan de smaak van die tijd. Hierdoor werd de oorspronkelijke stijl van de dodendans ook op inhoudelijk vlak aangepast: de prediker kreeg de gelaatstrekken van de Bazelse reformist Johannes Oekolampad, de figuren werden uitgedost met kleren die destijds in de mode waren, de skeletten werden volgens de anatomische inzichten geschilderd en op het einde van de dans voegde Kluber zichzelf en zijn familie, omringd door twee skeletten, aan het fresco toe.

Van 1614 tot 1616 restaureerde Emanuel Bock de dodendans opnieuw, maar veranderde de afbeeldingen slechts in mindere mate. Daarna volgenden nog twee restauraties, maar daarna raakten fresco en kerkhofmuur in verval. Op 6 augustus 1805 werd de muur afgebroken en het fresco vernietigd. Kunstliefhebbers hebben nog 23 afbeeldingen en drie tekstfragmenten kunnen redden.
Waar we ook met plezier en een grote grijns naar hebben gekeken is de Tinguely fontein, één van de beroemdste moderne kunstwerken die je in Bazel kan vinden. De Zwitserse beeldhouwer Jean Tinguely (1925-1991) ontwierp deze fontein in 1977.

Ook de Münster is een belangrijk gebouwen in het historisch centrum. Het is de grootste kerk van Bazel, die is opgetrokken in een rode zandsteenkleur en waarin invloeden van de romaanse en de gotische bouwstijl te zien zijn. De twee slanke torens die deze kerk karakteriseren bieden een schitterend uitzicht over de streek. In de Münster ligt het lichaam van de humanist Erasmus van Rotterdam opgeborgen. In de gigantische kathedraal kan je talrijke romaanse en gotische sculpturen bezichtigen.

Terug langs de Rijn totdat we eindelijk in het Tinguely-museum terechtkwamen. Het gebouw werd getekend door de beroemde Zwitserse architect Mario Botta en stelt binnenin de eigenaardige creaties van de kunstenaar tentoon.
Tinguely werd geboren in het Zwitserse Fribourg, en groeide op in Bazel. In 1955 ontmoette hij de Franse beeldhouwster Niki de Saint Phalle die hem vroeg een onderdeel te lassen voor een werk van haar. Hij werkte en woonde vanaf eind 1960 met haar samen en produceerde vanaf 1961 gezamenlijk werk. Hij trouwt met haar op 13 juli 1971. Zij maakten samen een groot aantal kunstwerken waaronder de Strawinsky-fonteinen in Parijs. Tinguely overleed op 66-jarige leeftijd te Bern.
Tinguely is vooral bekend geworden door zijn kinetische kunstwerken. Hij maakte deel uit van de Nouveau Réalistes (de Franse Pop-art stroming) en was dan ook een goede vriend van Yves Klein. De invloed van het Franse dadaïsme is duidelijk voelbaar in zijn werk. De installaties van Jean Tinguely komen zowel door de toeschouwer als automatisch in beweging, bijvoorbeeld door de wind. Jammer genoeg zie je dat niet op de foto’s…




(van Niki de Saint Phalle )
We liepen terug langs een prachtige groene straat, die volledig autovrij was en op een oerwoud leek, met speelhutten voor de kinderen. Waarom is bij ons in Antwerpen zoiets niet mogelijk? En we eindigden op een zonovergoten terras, voor het station, waar we onze laatste Zwitserse Francs opmaakten. Een geslaagde citytrip!
Fotoboek: Bij Citytrips en op de webstite De Laatste Halte
Bronnen: diverse toeristengidsen, wikipedia en uiteraard de eigen ervaringen…
24 May 2010
Geen Commentaar
Print dit Bericht
2008 · Steden Bezoeken · Zwitserland | Barfüsserplatz, Bazel, Dodendans, Fasnacht, Fischmarktbrunnen, Fondation Beyeler, Historisches Museum, Kunstmuseum Basel, Marktplatz, Mittlere Brücke, Münster, Niki de Saint Phalle, Spalentor, Tinguely, Tinguely Fontein, Tinguely Museum, Vitra Design Museum, Zoo Basel, Zwarte Woud
Bleibach en Schauinsland
In het Zwarte Woud ligt niet ver van Freiburg een piepklein dorpje: Bleibach. Hoe klein het is, zie je al aan het stationnetje!

Maar dit dorp heeft één bijzondere attractie: de St. Georgkirche (1350), waar nog een authentiek beenderhuis (1720) van over is gebleven. Daar werden de beenderen bewaard die uit het kerkhof opgegraven waren, om plaats te maken voor nieuwe doden. En op het tongewelf van dat ossuarium bevindt zich een heel mooie dodendans!

De opdracht tot het schilderen ervan werd in 1723 gegeven door de pastoor van Bleibach, Martin Schill. De dans bestaat uit 34 afbeeldingen in olieverf, waarbij de schilder (men vermoedt Johann Jakob Winter) zich geïnspireerd heeft op de dodendansen van Bern en Basel. De afbeeldingen zijn voorzien van spreuken, die ons duidelijk maken dat de dood niemand vergeet. Men denkt dat de spreuken afkomstig zijn van de Oostenrijkse edelman von Scherer. Die werd door zijn familie verstoten nadat hij zich tot het katholicisme had bekeerd. Hij leefde eerst in Freiburg en vond daarna een betrekking in Bleibach, als leraar.

De volledige reeks foto’s zal gepubliceerd worden op mijn andere fotoblog “De Laatste Halte“. Het wit onderaan de foto’s is de witgekalkte muur. Jammer genoeg zijn niet alle foto’s even scherp en soms was er een hinderlijke lichtinval. Maar ik denk toch dat deze collectie vrij uniek is (op het web is er niet zo heel veel materiaal over te vinden).
Na een voormiddag Bleibach was er nog tijd over voor een wandelingetje. Dus pakten we de bus en gingen naar de huisberg van de Freiburger.

De Schauinsland is een 1284 meter hoge berg in Freiburg im Breisgau. Je komt er vrij gemakkelijk met het openbaar vervoer. Je kunt de top van de berg bereiken door een twaalf kilometer lange weg vol haarspeldbochten of je kunt de kabelbaan nemen, die je in een kwartier van dalstation “Horben” naar de top brengt. De baan is 3600 meter lang.
Wij pakten de kabelbaan en gingen te voet terug naar Horben. Dat was toch zo’n drie uur afdalen en soms was het paadje wel erg bezaaid met wortels en keien! Maar het was heerlijk en ik raad het iedereen aan.


Vanaf de top kun je ook veel langere wandelingen maken van 6 tot 8 uur. Voor elk wat wils dus!
Meer foto’s onder de TAB “Citytrips”.
24 May 2010
Geen Commentaar
Print dit Bericht
2008 · Duitsland · Steden Bezoeken · Wandelen | Bleibach, Bos, Dodendans, Freiburg, Kabelbaan, Schauinsland, Wandelen, Zwarte Woud
Feldberg en Titisee
Tsja – wat moet ik daar over zeggen. We gingen daar vooral heen omdat de Huisdraak daar als 16-jarige op schoolreis was geweest. Ze hadden de Feldberg bestegen en in een bootje gevaren.
Dus begonnen we met de Feldberg (de hoogste berg van het Zwarte Woud). Als je met de trein komt rijdt daar een bus rechtstreeks naar toe. We dachten met de kabelbaan omhoog te gaan en vanuit de top een wandeltocht te maken, zoals in Schauinsland. Maar dat was buiten de waard gerekend: de kabelbaan was kapot. Dus gingen we maar te voet.

Indien ik echt een hartziekte had gehad, dan was ik er die dag zeker in gebleven. Ik wandel niet zo heel erg goed en stijgen kan ik al helemaal niet. Bovendien was het 34°C. Ik dacht er tot drie keer aan op te geven en terug naar beneden te gaan. Maar koppig als ik ben sleepte ik me naar boven, terwijl ik reutelende ademstoten produceerde en mijn hart dubbel zo snel klopte als normaal (als het geen drie keer was!). Het was vreselijk. Maar opgeven zou mijn dag pas echt verpest hebben en uiteindelijk heb ik de top dan toch bereikt, waar ik met een schitterend uitzicht werd beloond.

Eigenlijk was Titisee daarna een afknapper. Zoiets als Overmere-Donk maar dan veel groter. De beschrijving van Overmere gaat volledig op: De “Donk” is ook een toeristische trekpleister: tijdens de zomer kan men er spelevaren met roei- of motorbootjes, er is een wekelijkse markt alsook talrijke tavernes met terrasjes en restaurants waar men de lekkere paling kan proeven..

Krek hetzelfde voor Titisee, een erg commerciële bedoening dus, met veel souvenir-rommelwinkeltjes, veel terrasjes en ook… veel koekoeksklokken. Jawohl!

Het was nog net te pruimen omdat we er op een zondag naar toe zijn gegaan en dat toch meestal dode dagen zijn tijdens vakantietrips. Maar toch niet voor herhaling vatbaar. We waren beter de hele dag op de Feldberg gebleven…
Meer foto’s onder de TAB “Citytrips”.
24 May 2010
Geen Commentaar
Print dit Bericht
2008 · Duitsland · Steden Bezoeken · Wandelen | Feldberg, Titisee, Wandelen, Zwarte Woud



